Weg van jou

Gepubliceerd op 21 mei 2022 om 02:22

 

Hoe Hans ook zijn best had gedaan om te weigeren, het had niet geholpen. ‘Je gaat gewoon en daarmee basta!’, had zijn moeder geroepen. De jongen kende zijn moeder aardig en als zij iets wilde dan gebeurde het. Mevrouw Limburg kende haar zoon als geen ander en ze wist dat hij braaf zou luisteren. Ze negeerde zijn gesputter, drukte hem zijn koffer in handen en begeleidde hem naar de deur. Hans wist op dat moment nog niet, dat door deze doortastende actie van zijn moeder zijn leven nooit meer hetzelfde zou zijn.

 

In een prettige cadans vloog de intercity over de rails en de ochtendzon flitste via de raampjes naar binnen. Hans was in slaap gesukkeld met zijn hoofd tegen het raam nadat zijn woede langzaam plaats had gemaakt voor berusting. Hij wist immers dondersgoed dat zijn moeder de baas was. Dat hij ondertussen vierentwintig was maakte voor haar geen verschil. Hij zou eeuwig haar jochie blijven en zelfs daar had hij zich bij neergelegd. Plotseling minderde de trein vaart en klonk een verveelde stem over de intercom: ‘Station Amersfoort – station Amersfoort’. Medereizigers werden onrustig, tassen werden verzameld en langzaam schuifelden de mensen richting de deur.

 

Hans nestelde zich in de hoek en dook nog wat dieper in zijn sjaal, hij had totaal geen behoefte aan andere mensen. Defensief staarde hij naar de drukte op het perron. Tussen de haastige passanten stond een jonge vrouw, doodstil en met een bleek gezicht. Toen de trein volledig stil stond en de deuren openden werd het buiten een wirwar van haast en hij kon het meisje niet meer vinden. Met een ruk draaide hij zijn hoofd naar het gangpad. Een puntige knie raakte de zijne onder een zacht 'sorry'. Geïrriteerd keek hij in de diepste blauwe ogen die hij ooit had gezien en zijn ogen en mond werden zacht en nieuwsgierig.

 

Zij zat tegenover hem en ze hield een zwarte rugzak in haar handen geklemd. Het grote geval vulde haar hele schoot. Ze leek sowieso nogal van zwart te houden, van top tot teen donker gekleed en met zwarte haren en nagellak leek ze in niets op wat hij kende. Haar oorlel was doorzeefd met vele knopjes en op haar grote kraag prijkten verschillende buttons. Alles in haar leek hem op afstand te zetten dus wendde Hans zijn gezicht opgelaten af. Nee, ze leken in niets op elkaar. Zij somber, mager en stil en hij groot, knuffelbaar en degelijk. Met zijn blonde haar, rode wangen en stevige bril oogde Hans vriendelijk als een golden retriever. Hij was het evenbeeld van zijn moeder, alleen die was verre van aardig. Kil en afstandelijk vatte mevrouw Limburg beter samen. Ineens bekeek hij zichzelf door de ogen van het meisje; zijn bruine corduroy broek, zwarte veterschoenen, geblokte overhemd in rood en blauw en zijn stevige duffeljas. Plotseling schaamde hij zich.

 

Agnes for you stond met Tipp-Ex op de rugzak gekliederd, naast doodshoofden en slangen. Gebiologeerd bekeek Hans de jonge vrouw terwijl zij ongeïnteresseerd aan de rafels van haar tas plukte. Toen de trein in beweging kwam schoof ze een koptelefoon over haar oren en hij zag een glimp van een gele Sports-walkman van Sony. Zo’n ding had hij altijd al gewild, maar moeder vond het niks. Eigenlijk was er niets te bedenken wat zijn moeder wel iets vond en de reden dat hij nu in deze wagon zat was opnieuw zo’n rottig plannetje van haar. Gelukkig, Agnes for you sloot haar ogen. De walkman stond zo hard dat Hans gemakkelijk kon meeluisteren, al hoorde hij voornamelijk kabaal en hoge gierende tonen. Ze leek bijna in trance met haar bleke gezichtje en verstilde ineengedoken houding. Hans draaide verlegen zijn hoofd af, want hij had het gevoel dat hij iets zag wat niet voor zijn ogen bestemd was. Stille tranen liepen uit de gesloten ogen en haar ene hand hield nog steeds de rugzak vast terwijl de andere in een vuist op haar knie lag.

 

Als klein kereltje was Hans al begaan geweest met anderen. Of het nu een klasgenootje betrof, een dier of een vreemde, hij was enorm empathisch en voelde stemmingen van anderen haarfijn aan. Er ging geen dag voorbij of hij troostte een kind, redde een muisje of hielp een oud vrouwtje oversteken. Mevrouw Limburg was hier niet van gediend en ze maakte korte metten met het aanstellerige gedrag van haar zoon. ‘Wat zit je nou weer te slijmen jong? Houd daar onmiddellijk mee op. Je lijkt wel een wijf!’ Moeder hield er niet van als hij positieve aandacht zocht of kreeg, zij wenste in het middelpunt te staan. Ze had het tot haar persoonlijke missie gemaakt om haar zoon zo af te richten dat hij enkel naar haar commando’s luisterde. Dat zijn vader levensmoe van haar tirannie in de armen van een ander vluchtte, maakte weinig indruk op haar. Ze vond hem toch al jaren een blok aan haar been. Sinds hij in de ziektewet raakte was zijn salaris ook niet meer wat het was en ze had nu alle hoop op haar montere zoon gericht. Als accountant gaf hij haar leven weer een toekomst en ze droomde van busreisjes en nieuwe gordijnen.

 

Terwijl Hans zijn uitzichtloze leven met zijn moeder overdacht, voelde hij plotseling een streling langs zijn been. Met een rooie kop zag hij de zonet nog gebalde vuist, nu als sierlijke hand met bleke lange vingers strijkend langs zijn knie. Agnes keek brutaal weg alsof haar vingers hun eigen leven leidden en Hans wendde zich snel tot het raam. Wie was deze vrouw die zo brutaal contact met hem zocht? Hij hoorde zijn moeder al afkeurend sissen: ‘Wat een slettebak!’ en plotseling sprong hij overeind. Agnes trok haar hand geschrokken terug en keek hem recht in zijn ogen. Hans keek brutaal terug. Wat had hij nog te verliezen? Hij was verdorie een volwassen vent met een goede baan en het moest eens klaar zijn met die kenau in zijn leven. Hier zat hij dan als een kleuter op de trein gezet naar een verre tante, omdat zijn moeder zo nodig lucht nodig had. Ruimte om te rotzooien en te stoken. Nee hij was niet gek, hij wist allang wat zijn moeder uitspookte met bepaalde getrouwde mannen in het dorp. Zij was hier de slet!

 

Geschrokken van zijn heftige gedachten liet hij zich weer zakken op de bank. ‘Sorry’ mompelde hij tegen het meisje terwijl hij haar bleef aankijken en zij keek terug. Verbaasd over zijn eigen bravoure en brutaliteit vroeg hij naar haar muziek. Ze wees op de plek naast hem en Hans maakte ruimte en de koffer flikkerde hij in het bagagenet. Agnes nestelde zich al snel tegen hem aan en schoof de koptelefoon over zijn oren. Eventjes geschokt door het rauwe kabaal draaide hij snel het volume terug en toen werd het beter. Hun dijen raakten elkaar en haar vingers speelden voorzichtig met de zijne. Op de vraag waar zij naartoe ging trok ze haar schouders op. Niet op een onwetende manier, maar eerder alsof ze openstond voor iedere mogelijkheid.

 

Hij zou haar duizend dingen willen vragen. Waarom ze littekens had op haar polsen, waar de zanger over schreeuwde en de reden dat ze naar deze muziek luisterde en waarom was ze helemaal alleen met die grote rugzak? Toch vroeg hij haar niets. Samen zitten en luisteren, met vingers die langzaam verstrengelden en elkaars adem voelbaar, was het precies goed. Het oudere echtpaar een zitje verderop keek afkeurend naar het meisje en Hans kreeg het gevoel alsof hij als de oudste en wijste op haar moest passen. Ze maakte dan een kwetsbare indruk, iets vertelde hem dat ze sterk was. Want ook al zag hij op haar ticket Utrecht staan, ze verroerde zich niet. Agnes sloot haar ogen alsof niemand haar zo kon zien en begroef haar gezicht in de hals die ze nog maar twintig minuten kende.

 

Dus bleven ze zitten waar ze zaten. Met de gedeelde muziek, haar hoofd tegen zijn borst en zijn handen om haar lijf. Al snel was de wagon verlaten en de schuifdeuren piepten open. ‘Mevrouw, mijnheer! Wilt u alsjeblieft deze trein verlaten? Dit voertuig rijdt niet verder, dat had u toch wel begrepen?’ Langzaam rekte ze zich uit, greep haar spullen bij elkaar en haakte haar pink in de zijne. ‘Wij horen bij elkaar’ zei ze dapper en hij volgde haar braaf naar het uitgestorven perron. Bij het eerste bankje ploften ze neer en zijn koffer viel met een klap om. Agnes schoot in de lach om het wanstaltige ding en ook Hans zag de smakeloze goedkope troep voor wat het was. Hij kreeg ineens zin om het gevaarte een trap te geven, Agnes op te tillen, haar vol op haar mond te kussen en er samen vandoor te gaan. Maar hij deed het niet. Wat zou moeder opkijken als er geen taxi voor de deur verscheen. Als haar enige zoon verdwenen was met de Noorderzon. Wat een heerlijke uitdrukking dacht hij en Agnes bekeek hem nieuwsgierig toen hij het bijna uitschaterde. Maar ze vroeg niets.

 

Als twee verdrevenen zaten ze samen op de betonnen bank. Met opgetrokken benen met daaroverheen Hans zijn jas om ze warm te houden. Haar hoofd rustend op de grote rugzak en zijn voeten languit op de gedeukte koffer. Zo wilde hij wel eeuwig blijven zitten met dat warme tengere lijf tegen hem aan dat steeds rustiger ademde. Zo voelde het om verliefd te zijn! Hij had de verhalen nooit geloofd maar zijn kippenvel vertelde hem dat dit heel bijzonder was. Agnes was in slaap gesukkeld en het was zonde om haar te wekken. Zo vredig en vertrouwd was hun samenzijn en hij wist dat dit het was. Zijn borstkas zwol op van een oud gevoel van lang geleden. Zijn liefdevolle empathie stroomde weer door hem heen en hij kuste de donkere haren en slapende oogleden. Langzaam dutte Hans in met het veilige gevoel dat alles alsnog goed zou komen in zijn leven. Hij hield Agnes stevig vast om haar niet te verliezen.

 

‘Wakker worden jongeman, u bent op uw bestemming!’ De conducteur tikte Hans ongeduldig tegen de schouder en wees naar het volle perron. Verward schrok hij overeind en wist eventjes niet waar hij was en het drong ijskoud tot hem door hoe het werkelijk zat. Zijn keel kneep dicht en zijn hart bonsde in zijn oren. Wankel trok hij de koffer naar zich toe en stommelde de wagon uit. Verblind door het felle middaglicht ontdekte hij plotseling een bekend figuurtje. Een jonge vrouw met een bleke huid stond als versteend tussen de haastige menigte. Hans wilde haar roepen maar hoe hij ook zijn best deed, hij kreeg geen geluid uit zijn keel. Plotseling werkte een flinke vrouw zich met haar ellebogen tussen de reizigers door en spreidde haar armen gelukzalig. 'Hans, mijn jochie! Wat heerlijk dat je er bent, ik heb me zo op je komst verheugd!’

 

@missnienox

 

P.S. Heb je zin in meer (reis) verhalen? Misschien vind je de volgende fictie ook interessant:

Kuurtje

Lommerlust - een historisch verhaal

De show van Mo

Russische roest - deel 1

Russische roest - deel 2

 

 

Foto Charles Forerunner treinstation spoor missnienox blog

@Charles Forerunner

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.