Home » Korte verhalen » Thuis

Thuis

Gepubliceerd op 9 september 2021 om 12:39

We delen hetzelfde geweldige bouwjaar, 1974. Toch hebben we elkaar nooit gezien of gesproken. We kenden elkaar niet en wisten niet van elkaars bestaan tot een jaar geleden. Onze ontmoeting was niet spontaan, geënsceneerd is een beter woord, toch klikte het direct.

 

Op het eerste gezicht lijken we totaal niet op elkaar – jij met je stenen exterieur en ik met mijn zachte velletje – toch hebben we beide een stormachtig verleden. We vragen niet veel en zijn tevreden met weinig. Zorgvuldig hebben we de mensen afgeschud die ons niet waardeerden en de geliefden verzameld waar we ons graag mee omringen. Het leven is niet vanzelfsprekend en je loopt schade op, zonder uitzondering. Onze kracht is dankbaarheid en wij zorgen voor elkaar op onze eigen manier. Wij horen bij elkaar.

 

Ik: Niets is heerlijker dan thuiskomen in mijn eigen huis. Ik open mijn voordeur met mijn eigen sleutel en ik ruik de geuren van mijn eigen nest. Ik hang mijn jas tussen mijn jassen en sjaals. Mijn pantoffels staan waar ik ze vanmorgen achterliet, warm en uitnodigend. De poes is mij gevolgd als een schaduw langs mijn benen. Ze geeft me kopjes en miauwt om eten. Ook zij maakt dit mijn thuis. Als ik de kamer binnen stap draai ik de verwarming hoger en geef ik Mimi haar kattenbrokken. De radio kan aan en start direct met mijn favoriete liedje. Ik draai het volume hard omdat het kan. Ik doe een gek dansje in de keuken en zet koffie. Ik kan er voor kiezen te eten met mijn bord op schoot voor de televisie als een student, of ik dek de tafel feestelijk voor mezelf. Alles is goed. Ik beslis het allemaal lekker zelf.

 

Jij: Niets is fijner nu zij bij mij is. Ze is rustig of levendig, dat verschilt met de dag. Ze waardeert mijn uiterlijk en heeft geen kritiek. Ze is proper en haalt het beste in mij naar boven. Ik ben zuinig op haar geheimen en probeer op mijn beurt openhartiger te worden. Ze houdt van dezelfde zon als ik en hoe deze ons verwarmt. Door mij kijkt ze anders naar de sterrenhemel en zo’n vuurwerk als er boven mij was heeft ze nooit gekend. Ik mag zijn wie ik ben, met al mijn butsen en barsten en oneffenheden. We delen een uiterlijk dat lang niet alles verteld over onze binnenkant.

 

Ik: Voor mij had het lastig kunnen zijn met al mijn vergelijkingsmateriaal. Ik heb ze gekend die knapper waren en rijker. Er waren plekken waar ik rond kon rennen zonder te raken of te botsen. Ik ben omringd geweest door de mooiste bloemen en ruimte overal, zelfs een plek om buiten weg te dromen. Alles is vergankelijk en het kan nog zo mooi ogen, als het niet goed voelt is het niets waard. Het maakt zo’n verschil of iets werkelijk van jou is en hoe het voelt. Je kunt ergens samen verblijven en toch intens eenzaam zijn. Een paleis kan aanvoelen als een kooi wanneer de liefde is verdwenen.

 

Jij: Zij weet niet hoeveel ik er heb versleten en dat is maar goed ook. Het zou haar verdrietig maken omdat ze mij het beste gunt. Ik ben helaas te vaak betrokken bij vervelende zaken. Ik werd beschadigd, genegeerd, niet gerespecteerd en als vanzelfsprekend genomen. Verveling, puberaal gedrag en zelfs criminele activiteiten, ik moest het allemaal ondergaan. Naar mij werd niet geluisterd terwijl ik ook een stem heb. Ik ben zo blij dat zij die wel hoort.

 

Ik: Ik weet hoe het voelt als je teveel bent en je je niet werkelijk thuis voelt. Mezelf onzichtbaar makend als een klein opgerold egeltje en nog steeds onbeschermd. De televisie te hard op het verkeerde programma. Ik onzichtbaar in een stoel met een boek als pantser, het kabaal negerend. Vroeg naar bed gaan en tot twee uur ’s nachts de huisgenoten horen lachen, stampen en het toilet doortrekken naast mijn kamertje. Een gedeelde opslag voor mijn tijdelijke spullen die mij een uitzicht verschaften dat zo onrustig was dat ik daar alleen maar sliep. Geen plek hebben om me terug te trekken in het huis met teveel mensen bij elkaar. Ik was al jaren uit huis en moest gedwongen terug, inclusief een kinderschare. Ik vluchtte vaak naar buiten vechtend tegen mijn tranen. Ja, ik weet hoe het is om thuisloos te zijn.

 

Jij: Ik wist dat ik niet veel meer kon hebben, want ik stortte bijna in. Een buurman nam het voor me op gelukkig en de hulptroepen kwamen. De vreselijke pestkop werd bij mij weggehaald via de rechter. Ik werd gedwongen uitgekleed, gestript noemen ze dat. Nooit eerder voelde ik me zo kaal en leeg van binnen, maar het zou goed komen. De nieuwe mannen bleken gelukkig aardig nadat ze zo hardhandig met mij waren omgesprongen. Ik moest er doorheen voor het beter zou worden, dit had ik eerder om mij heen gezien. Het werd weer gezellig bij mij want ze maakten me beter en mooi. Er was opnieuw muziek en deze keer was het leuker en zachter, ik begon voorzichtig hoop te krijgen. Zou ik een nieuwe ronde verdienen, een ander en beter leven?

 

Ik: Het allerergste vond ik dat ik geen enkele privacy had, ik waande me terug in mijn studententijd. Alle irritante geluiden en gewoontes om mij heen maakten me gek. Ik was blij met de momenten dat iedereen weg was en ik eindelijk alleen was met mezelf. Als een kameleon paste ik me ouderwets aan en ik voelde me schuldig. Enerzijds was ik dankbaar voor dit tijdelijke gedeelde dak, anderzijds schreeuwde in mij een stil verzet. We zaten niet op elkaar te wachten, maar moesten het samen uitzitten zes maanden lang. Ik was de vreemde eend in de bijt en opnieuw het kind dat zich buitengesloten voelde.

 

Jij: Ik vergeet nooit de dag dat ze stiekem kwam kijken. Wanneer ik eraan terugdenk krijg ik een warm gevoel en schaam ik me tegelijk. Ik zag er op zijn slechtst uit en dat voor een eerste ontmoeting. Ik was nog in opbouw en mijn schade was zichtbaar door de ramen. Mijn tuin was een ravage net als mijn muren en vloer. Gaten in het houtwerk en in de ramen, een kale gevlekte betonvloer. Gemolesteerde half verwijderde keukenkastjes… Oh, als zij mijn ware potentie maar zag? Mijn eerste indruk op haar bleek goed want ze kwam vaker. Ze lachte en was serieus tegelijk, druk in gesprek met de bouwmannen. Ik hoorde dat ze nog een paar maanden geduld moest hebben voor ik toonbaar was. Dit hield haar niet tegen, want ze bleef komen kijken en meten. Ik zag dat ze er netjes en beschaafd uitzag en dit was erg belangrijk voor mij. Het voelde goed dat ze door mij heen kon kijken, de werkmannen complimenteerde en dromen deelde over mij. Zij was degene met wie ik oud wilde worden.

 

Ik: Maandenlang had ik mijn droomhuis gevisualiseerd liggend op mijn slaapbank. Ik sprak een serie affirmaties uit in de tegenwoordige tijd zodat ik aan zou trekken wat ik wenste. ‘Ik heb een gezellig, ruim en goed huis. Het kan oud zijn of nieuw en het staat in een fijne straat met lieve en hartelijke buren. Mijn huis is licht en fris met veel groen. Het is een heerlijk huis en het fijnste huis dat ik ooit heb gehad. Het is mijn huis!’

 

Jij: Elke dag ben ik blij met haar in mijn leven. Ze zorgt goed voor me precies zoals ik hoopte. Ze heeft me in de drie weken voor haar verhuizing helemaal wit geschilderd en overal mooie vloeren gelegd. Ze kreeg hulp van aardige familie en vrienden om mij perfect te hernieuwen. Mijn trappen werden van kaal en gehavend, glanzend met matjes. Ze is zuinig op haar nieuwe keukentje ook al is deze klein. Haar inboedel is leuk - vintage en nieuw en haar vele planten maken het af. Haar geluk en liefde verwarmen mijn muren en mijn hart. Als dank geef ik haar beschutting en warmte en koelte wanneer nodig. Ik zorg dat mijn muren burengeluiden dempen en kaats haar mooie muziekklanken terug. Als ik kon dan zou ik huppelen van plezier en opstaan om mijn pannen te schudden. De kietelende buurboom is inmiddels gesnoeid en onze tuin heeft een schutting. Na jaren een saai uitzicht op tegels zie ik nu gras en de eerste voorjaarsbloeiers komen bijna op. Ik zou mezelf niet eens herkennen en toch ben ik het: een zielsgelukkig huis!

 

Ik: Elke dag ben ik blij met mijn huis in mijn leven. Ik heb een thuis, een eigen plek. Muren om binnen te schuilen, een gevel om mij achter terug te trekken. De ruimte van een hoekwoning in een fijn straatje met de allerliefste buren. Ik ben een gezegend en dankbaar mens, want ik weet hoe het voelt om geen eigen huis te hebben. Elke vezel in mij is zielsgelukkig in dit huis en voor mij is dit de hoofdprijs. Mijn thuis.

 

@missnienox

 

Wat maakt jouw huis jouw thuis? Ik hoor het graag.

 

bakstenen muur huis cement voegen buitenmuur thuis @missnienox

«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Anneke
9 maanden geleden

Een verfrissend verhaal Nienke!

Nienke
8 maanden geleden

Dank je wel lieve tantanneke! Soms vraagt een onderwerp om een onverwachte vorm.

Sander
9 maanden geleden

Lieve Nien,

Mooi verhaal en een mooie vorm

Wat betreft een (oud) huis. Het leeft, heeft karakter, praat terug, beschermt, koestert, huist en staat áltijd voor je klaar.

Een tuin geeft rust, verfrist, verruimt, schoont op en relativeert.

Dank voor je verhaal.

Nienke
8 maanden geleden

Dank je wel voor je poëtische pracht reactie lieve broer!

B Stevens
6 maanden geleden

Geweldig geschreven. Eigenlijk nog mooier dan het in een boek lezen.

Nienke
6 maanden geleden

Dank je wel Ben. Wat een prachtig compliment! Heel fijn om te horen😁