Jacht

Gepubliceerd op 18 maart 2022 om 20:02

De ochtend tolde nog door haar hoofd, eigenlijk was ze hier niet geschikt voor. Zorgvuldig plaatste ze haar ene voet voor de andere. Ze probeerde een ritme te vinden, niet te snel en niet te langzaam. Hardlopen. Ze haatte het. Iedere vezel in haar vermoeide lijf protesteerde. Toch moest het, het was haar persoonlijke opdracht. Niet voor de spieren hoewel haar billen wel wat pep konden gebruiken. Dit was puur voor haar conditie, zodat ze niet langer gierend ademhalend op haar fiets hoefde te zwoegen. Iets in haar zei dat ze kwetsbaar was. Slanke jeugdig uitziende vrouw loopt hard. Alleen en voor dag en dauw, terwijl de wereld nog lijkt te slapen.

 

Patricia was hard op weg gek te worden. Gestoord van alles en iedereen. Als veertigplusser woonde ze terug bij haar ouders, was ze weer kind. Alleen dit keer een kind met kinderen. Er was geen woonruimte, al jaren niet. Ze stond al langer op de wachtlijst dan haar huwelijk voorbij was. Twee jaren waren er verstreken sinds de ellende begon. Huib wist het niet meer, zag het niet meer en boven alles wilde hij het anders. Zodoende kwam er een nieuwe vrouw, extra kinderen, een ander huis en zelfs de huisdieren werden aan de kant gezet. Patricia had ontkent, gevochten, gehuild, gevlucht en was ouders voor twee. Huib speelde de oude, maar werd een nieuwe man. Een onverantwoordelijke puber die vol voor zijn nieuwste grootste liefde ging. In praatjes kwam hij zijn kinderen nader, in daden telden ze niet mee. Patricia zat nog steeds te verwerken, te rouwen en te overleven. Het duurde alleen te lang. Zonder nog een eigen thuis – Huib vond het nodig haar uit de oude woning te gooien – raakte zij zelf ontheemd. Doolde haar ex door niemandsland in zijn hoofd? Zij trapte door de modder om zeven uur ’s ochtends.

 

Iedere morgen stond de man om klokslag zes uur op. Hij strekte zijn lange magere ledematen en slofte naar de keuken. Stilletjes om zijn oude moeder niet te wekken zette hij de fluitketel op het vuur. De tuit liet hij eraf. Ondertussen ging hij aan de keukentafel zitten en draaide hij een sjekkie. Het bovenraampje klemde toen hij het open drukte. Hij wilde geen gezeik met zijn ma hebben. In zijn gebogen houding tuurde hij over het gras. De dauw lag als een waas over het vergezicht. De achtertuin grensde aan weilanden en in de verte zag hij een fietspad liggen, omzoomd door groepjes bomen en struiken. Gerbrand werkte soms een tijdje en dan weer niet. Sociale werkplaats heette dat. Hij en zijn makkers noemden het ‘Sociale afwerkplaats’, hij zat er nog om te gniffelen. Toch voelde hij zich ook gespannen, want vandaag was het zover. Nee geen werk voor hem, er lag iets veel leukers op hem te wachten. Nou ja wachten, hij moest er wel iets voor doen. Het zou niet vanzelf gaan.

 

Patricia kwam eindelijk in een ritme wat dragelijk was. Het verzuren van haar benen had ze achter de rug en de kloppende pijn bij haar slapen leek weg te trekken. Op wat slijm na had ze deze keer niet hoeven overgeven, er was verbetering. Ze ademde met aandacht in en uit, twee keer in - twee keer uit. Op het ritme van haar passen en zoals ze het ooit leerde op karate. Haar schouders trachtte ze netjes laag te houden, al voelde haar schouderpartij aan als een ijzeren kledinghanger. Ze draaide haar hoofd van links naar rechts en hoorde de luchtbellen in haar wervels kraken. ‘Ik lijk wel een bejaarde’ spotte ze in gedachten. Patricia groette een eend die in de bermrand lag te slapen. Deze keek op toen ze puffend voorbij ploegde. Ze was nu het dorp uitgelopen en rende op het fietspad richting de zandafgraving.

 

Een auto passeerde op de parallelweg en toeterde. 'Smeerlap’ siste ze. Altijd bleef ze zich bewust van haar lichaam, hoe beroerd ze zich ook voelde. Het staren naar haar kont in haar strakke hardloopbroek, haar dansende paardenstaart en hupsende borsten. Patricia kon zich haar eigen plaatje makkelijk voor de geest halen. Ondanks vier zwangerschappen oogde ze nog jeugdig. Haar sportieve lichaamsbouw straalde energie en conditie uit, maar dit was schijn. Ze was blij met haar uiterlijk, maar haar innerlijk sprak een andere taal. Een nadeel was dat ze er voor andere hardlopers veelbelovend en ervaren uitzag. Deze werden dan flink teleurgesteld, want het was pas sinds kort dat zij aan een stuk door kon hardlopen. Tot vorige week wisselde zij haar rennen nog af met wandelen, meer liet haar conditie niet toe. Een zombie die vertraagd door het moeras sopte, zo voelde ze zich.

 

Hij had haar een paar maanden eerder voor het eerst opgemerkt. Het was tegen zevenen ’s avonds. Hij zat met een biertje op het bankje voor zijn huis. Moeder was achter bezig de was van de lijn te halen. Al uit de verte zag hij een slanke vrouwelijke figuur aan komen wandelen. Ze had er flink de pas in en keek op haar horloge. Hij hield van meisjes of vrouwen. Het maakte hem niet zoveel uit, als ze maar meisjesachtig waren. Zelf had hij nooit een vriendin gehad, maar hij hield ervan te kijken. Op zijn kamer had hij stapels plaatjes en boekjes gehad, veilig weggestopt in zijn viskoffer. Tegenwoordig had hij internet. Toch ging er niets boven het echte werk. Hij liet zich wat verder onderuit zakken tegen de rugleuning van de bank. De klimop die rijkelijk tegen de gevel van het huis groeide gaf hem wat dekking. Hij keek graag, maar het liefst in stilte. Nu ze er bijna was begon ze te rennen. Haar borsten bewogen mee met haar bewegingen, ze zaten tegen haar aan geklemd in een strak truitje. Gerbrand hield van kleine borsten. Voor hij het wist was ze voorbij en ze had hem geen blik waardig gegund. Het gaf niet, want hij had vol zicht op haar billen. Hij hield van beide en de manier waarop ze natrilden bij iedere stap. Omdat hij een stijve had gekregen concentreerde hij zich op het tuinhekje voor hem. Het moest nodig in de beits gezet worden. Met zijn lusten zou hij later wel afrekenen.

 

Patricia zat in een prettige cadans. Haar hoofd raakte leeg en dat voelde heerlijk. Haar hart bonsde in haar oren en ze voelde zich veilig in haar cocon. Het natte gras geurde en een zachte wind blies haar lijf koel. Haar hoofd was ondertussen donkerrood gekleurd. Je had sportievelingen die bleek en droog bewogen, Patricia behoorde tot een andere groep: 'De zwetende gutsende paars-aangelopen vlekkenclub’. Haar benen brachten haar gestaag naar het schelpenpaadje langs het meer waar zand werd opgegraven. Ze raakte nu uit het zicht van de bewoonde wereld en dat ontging haar niet. Haar adem werd wat onregelmatiger en ze concentreerde zich opnieuw op haar zuurstofinname. Plotseling kwam er een man uit de struiken tevoorschijn en het was alsof ze zichzelf uit de lucht bezag. Jonge vrouw, grote man, verder niemand. Rustig blijven. Niet uitlokken. Verzet windt ze op. Tijd rekken.

 

Twee keer per week kwam ze langs en hij raakte van haar in extase. Hij zorgde dat hij niets miste, klokte haar tijden en begluurde haar met zijn verrekijker. ’s Nachts rukte hij zich af met haar op zijn netvlies. Een plan kwam in hem op, een kans op nabijheid. Opeens liet ze verstek gaan, geen billen en borsten. Tot die ochtend dat hij in zijn garage rommelde en over zijn schouder keek. Nu kwam ze op de ochtend, zijn lievelingstijdstip. Het werd haar nieuwe ritme en dit gaf hem andere kansen. Hij bereidde zich voor tot in de puntjes: tijdstip, locatie, alibi. Het hielp dat hij graag viste vroeg in de morgen en dat hij onzichtbaar was.

 

Plotseling een man, midden op het pad, met gespreide armen. Hij nam haar op van top tot teen met priemende ogen. Haar vurige en bezwete hoofd, ze stopte abrupt. Dit werd zijn laatste herinnering.

 

Zij trilde en wankelde een moment. ‘Kalm blijven!’ sprak ze zichzelf toe. Hij was te groot, te sterk. Ze kon beter meewerken en bluffen. Tijd. Ze had tijd nodig. Hij sprong op haar af, klemde een ruwe hand om haar mond en trok haar mee. Ze spartelde niet tegen en gedwee liet ze zich door de struiken leiden. Haar hersens probeerden krampachtig een oplossing te bedenken. “Vind je me lekker?” hoorde ze zichzelf plotseling zeggen. Voor het eerst keek ze hem in de ogen. Hij liet haar verward los en zij herhaalde haar vraag. Eerst keek hij schichtig weg, maar toen kruisten hun ogen opnieuw. Harde ogen vol lust en agressie. Instinctief liep Patricia richting de oever, daar stonden lage struiken en waren laaghangende takken. Een plan flitste door haar hoofd. “Wil je ze voelen?” vroeg ze hem hees en ze trok haar shirt omhoog en ontblootte haar borsten. De man bekeek haar ontblote bovenlijf met openhangende mond en kwam kreunend op haar af. Zijn handen strekten zich naar haar uit en zijn tong likte ongeduldig langs zijn lippen. 

 

Razendsnel haalde ze uit met haar rechterknie. Hij klapte schreeuwend van de pijn in elkaar met zijn handen in zijn kruis. Op zijn knieën rolde hij op zijn zij, waarna ze hem opnieuw aanviel. Ze trapte hem vol in zijn gezicht. Alle machteloze woede kwam er ineens uit. Bloedend en kreunend liet ze hem achter en ze plonsde met haar schoenen het ondiepe water in. Ze waste de ergste modder van haar benen en zette het op een lopen. Ver hier vandaan.

 

Niemand zou iets aan haar zien. Dit rode hoofd had ze iedere morgen en haar schoenen waren schoon. Ze besefte dat ze meer kracht in haar donder had dan verwacht. Hij had de verkeerde gekozen en zij had het juiste gedaan.

 

@missnienox - 2018

 

 

P.S. Niet waargebeurd gelukkig, maar me wel proberen in te leven. Met inspiratie van mijn zelfverdedigingscursus lang geleden.

 

 

Foto Lucas Favre hardloper donker alleen missnienox blog

@Lucas Favre

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.